Spoedeisende hulp gezocht! (Latijn)
Besten allemaal,
Ik zit met een zin in m'n maag waar ik niet zeker van ben(Ovidius Metamorfosen 7 r.147-148:
quod licet, adfectu tacito laetaris agisque
carminibus grates et dis auctoribus horum
Zelf heb ik er dit van gemaakt:
En jij verheugt je vervult in stilte, wat geoorloofd is, en dankbaar prijs jij de toverspreuken en de goden, grondvesters van deze.
Het grootste probleem is dat ik niet precies weet wat ik met adfectu aanmoet.
toelichting:
quod licet snap ik= wat geoorloofd is
adfectu abl/dat man ev = vervullen
tacito dat/abl vr ev = stilte
laetaris 2e pers ev ind pr.pas.dep. = (en) jij verheugt je
agis(que) 2e pers ev ind pr= (en) jij dankt
carminibus dat/abl onz mv= toverspreuken
grates nom/acc vr mv= dank(baar)
dis= dat/abl man mv = goden
auctoribus= dat/abl man mv=grondvester, stichter
horum aanw.vnw. gen man mv= deze, dit
Is er iemand die me kan helpen?
misschien handig, vertalingen van internet:
''Wat u vergund was: ge in stilte in uw liefde u verheugdet, en dankbaar
Waart aan uw tooverkunst en de Goden van wie gij die leerdet. ''
of ''What you might fittingly do you did, rejoicing silently, giving thanks, for your incantations, and the gods who inspired them. ''
Laatst gewijzigd door Stevie91 : 9 januari 2008 om 10:56.
Reden: update
|